Quickscan en Natuurtoets Wet Natuurbescherming

Bij ruimtelijke ontwikkelingen zoals renovatie of sloop van gebouwen, inrichting van terreinen en demping van sloten, dient u rekening te houden met beschermde natuurwaarden (vanaf 2017 Wet Natuurbescherming). Het is, om tegenvallers in de planning te voorkomen, van belang om hier al vroeg in het planproces rekening mee te houden. Voorafgaande aan de werkzaamheden is onderzoek naar beschermde soorten in het projectgebied noodzakelijk. Dit kan door het uitvoeren van een:

  • Quickscan of een
  • Natuurtoets.

Bij een Quickscan wordt het gebied eenmalig onderzocht om vast te stellen of er beschermde natuurwaarden aanwezig zijn of aanwezig kunnen zijn. Bij de Quickscan wordt vastgesteld of voldoende gegevens aanwezig zijn of dat nader onderzoek noodzakelijk is. Een Quickscan kan binnen één tot twee weken afgerond zijn.

Quickscan
Van een particuliere woning in Nijkerk is het dak ernstig verwaarloosd. Het dak zal daarom worden afgebroken en opnieuw worden opgebouwd. De bewoner heeft Bureau Viridis gevraagd om een Quickscan uit te voeren in het kader van de Flora- en faunawet. Op basis van de Quickscan, bestaande uit een literatuuronderzoek en een veldbezoek, kon worden uitgesloten dat er zich verblijfplaatsen van vleermuizen of jaarrond beschermde nesten bevinden. Wel zijn broedgevallen van algemene broedvogels als spreeuw mogelijk. Wanneer de sloop van het dak buiten de broedperiode van vogels wordt uitgevoerd worden negatieve effecten op broedvogels voorkomen.

Bij een Natuurtoets wordt het projectgebied meestal meerdere keren bezocht om de aanwezigheid van beschermde natuurwaarden vast te stellen of te kunnen uitsluiten. Een natuurtoets duurt, afhankelijk van de vraagstelling en de te verwachten soorten meerdere maanden tot een jaar. Bureau Viridis kan onderzoek naar alle beschermde soorten en (voor Natura200-gebieden) habitattypen uitvoeren. Onze ecologen hebben allen een zeer goede soortenkennis van zowel flora als fauna.

Na het veldonderzoek vindt de juridische toetsing plaats. Onze adviseurs onderzoeken of de voorgenomen ingreep negatieve effecten heeft op beschermde natuurwaarden en of bijvoorbeeld het aanvragen van een ontheffing noodzakelijk is. We hebben veel kennis van en ervaring met juridische toetsingen als Voortoetsen, Passende Beoordelingen en Nee-tenzij-toetsen. 

Passende Beoordeling
Voor de geplande aanleg van een randweg bij Haps in Noord-Brabant heeft Bureau Viridis een Passende Beoordeling opgesteld. Uit stikstofberekeningen bleek dat voor alle berekende alternatieven er sprake was van een significante toename van de stikstofdepositie in een nabij gelegen Natura2000-gebied. De toename kon worden gecompenseerd door het uit gebruik nemen van een oppervlak landbouwgebied.

De toetsingen betreffen ontwikkelingen van zeer uiteenlopende aard: van demping van sloten tot het baggeren van grote kanalen, van sloopvan renovatie van een enkel gebouw tot projectmatige renovatie en isolatie van duizenden huizen, van het bouwen van één huis tot de aanleg van woonwijken in een groene omgeving. Maar wij adviseren ook bij de aanleg van wegen, het graven van nevengeulen, de inrichting van terreinen, de aanleg van recreatievoorzieningen en het kappen van bomen. Voor het bronnenonderzoek heeft Bureau Viridis toegang tot de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF), waarin een zeer groot aantal waarnemingen is opgenomen

Renovatie
Bureau Viridis is specialist in onderzoek van huizen bij renovatie en sloop. Voor een aantal woningbouwcoöperatie in het midden van het land onderzoeken we jaarlijks circa 2500 woningen op beschermde soorten, met name vleermuizen, gierzwaluwen en huismussen. De resultaten worden omgezet in rapportages waarbij per complex wordt aangegeven welke mitigatie bij welke woningen, veelal op huisnummer, noodzakelijk is. Deze mitigatierapporten worden aan de aannemers doorgestuurd, zodat deze al in een vroeg stadium weten waarmee ze rekening moeten houden, zowel bij het offreren als bij de uitvoering.
Woonwijk
Een gemeente wil een woonwijk aanleggen op een bosrijke locatie op de Utrechtse Heuvelrug. Uit ons onderzoek bleek dat er veel beschermde soorten aanwezig zijn, waaronder hazelworm en vleermuizen. Ook is er een dassenburcht. In overleg met de gemeente en de provincie wordt gezocht naar een bevredigende werkwijze waarbij de woonwijk gerealiseerd kan worden en zo min mogelijk negatieve effecten optreden. Bureau Viridis begeleidt het gehele proces.
Inrichting van terreinen
Nabij Schalkwijk treedt regelmatig wateroverlast op. Om dit te voorkomen wil het hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden ter plaatse een waterberging aanleggen. Hiervoor worden enkele graslandpercelen afgegraven, worden natuurvriendelijke oevers gegraven en worden stuwen aangelegd. Bij onderzoek hebben we gevonden dat in het gebied beschermde soorten voorkomen, waaronder de heikikker. Omdat negatieve effecten niet te voorkomen zijn hebben we voor het waterschap een ontheffing aangevraagd en de ecologische begeleiding verzorgd.

Wij begeleiden u gedurende het gehele traject van de eerste quickscan tot het aanvragen van een ontheffing (indien noodzakelijk). Door onze kennis en ervaring staan wij borg voor onderzoek van uitstekende kwaliteit met daarna zorgvuldige analyses die in een goed leesbare, juridisch verantwoorde rapportage worden verwoord.

Inventarisatie

We voeren inventarisaties uit op uiteenlopende schaal: van kleine onderzoeksgebieden (zoals een moerasgebied van enkele hectaren) tot onderzoeksgebieden van meer dan 10.000 hectare. Zo onderzoeken we jaarlijks circa 10% van het landelijk gebied van Provincie Utrecht vlakdekkend op flora en fauna, waarbij een groot aantal soorten wordt gekarteerd. Onze inventarisaties betreffen een breed scala aan soortgroepen waaronder planten, vissen, amfibieën, reptielen, libellen, dagvlinders, sprinkhanen, muizen en vleermuizen.

Vlakdekkend
Jaarlijks onderzoekt Bureau Viridis voor Provincie Utrecht grote delen van het landelijk gebied (ca. 10000 ha.) vlakdekkend op flora en fauna. In 2016 is het gebied tussen de Kromme Rijn en de Lek onderzocht, van Houten tot Wijk bij Duurstede. Hierbij is de verspreiding van tal van plant- en diersoorten in kaart gebracht. Er zijn bijzondere waarnemingen gedaan, zoals een groot aantal rivierrombouten langs de Lek. Van de inventarisatie wordt een uitgebreide rapportage opgesteld. Via de website van de provincie zijn twee van deze rapportages (van Eemland en van Kamerik) te downloaden.

Bij onderzoek naar vissen gebruiken we diverse vangtuigen waaronder elektrovisserij-apparatuur vanuit een boot met behulp van een generator, een draagbaar elektrovis-apparaat, steeknetten, zegens en fuiken. Welke vangtuigen worden ingezet hangt sterk af van het onderzoeksdoel en de te bevissen wateren. Zo blijkt voor grote modderkruiper het gebruik van een elektrovis-apparaat een veel betere methode dan het gebruik van steeknetten. Voor onderzoek in grote wateren wordt gebruik gemaakt van elektrovisserij vanuit een boot met buitenboordmotor, eventueel in combinatie met zegens en fuiken. In kleinere wateren wordt gebruikt gemaakt van elektrovisserij-apparatuur in een kleine boot en steeknetten. Uiteraard bezit Bureau Viridis alle nodige vergunningen voor het elektrisch vissen. Bij grotere projecten werken we samen met een gecertificeerde beroepsvisser.

Grote modderkruiper
Gezien de beschermingsstatus van grote modderkruiper is het noodzakelijk om bij ingrepen in het leefgebied te kunnen vaststellen of de soort aanwezig is. De grote modderkruiper gstaat bekend als een lastig te vangen soort. Bureau Viridis heeft in samenwerking met Datura (e-DNA-onderzoek) een vergelijkend onderzoek uitgevoerd naar de effectiviteit van vangtechnieken. Hieruit bleek dat het gebruik van een elektrisch visapparaat met gelijkstroom en het gebruik van e-DNA beide zeer goede methoden zijn om de aan- of afwezigheid van de grote modderkruiper vast te stellen.

Bij gebruik van wisselstroomapparatuur werden tot 60% minder grote modderkuipers gevangen. Het gebruik van het schepnet leverde slechts één grote modderkruiper op. Get schepnet is totaal ontoereikend voor onderzoek naar grote modderkruiper.

Van dit onderzoek is een artikel verschenen in de Levende Natuur. Wij voeren onderzoek naar de aanwezigheid van grote modderkruiper altijd uit met elektrovis-apparatuur met gelijkstroom.

Voor muizeninventarisaties gebruiken we inloopvallen (life traps), waarin muizen gevangen komen te zitten doordat een klepje dichtvalt. Na determinatie worden de muizen weer los gelaten. In 2016 zijn onder andere de uiterwaarden bij Elst (de Elsterbuitenwaard) en de moerassen rond Tienhoven en Westbroek door ons onderzocht op muizen.

Monitoring

Om de ontwikkeling van flora en fauna in een specifiek gebied te volgen en zo nodig bij te sturen is monitoringsonderzoek vereist. Hierbij wordt herhaaldelijk, bijvoorbeeld eens in de twee jaar, een gebied onderzocht op flora en diverse soortgroepen fauna zoals amfibieën en sprinkhanen. Het kan gaan om nieuw ingerichte terreinen. Voorbeelden hiervan zijn nieuw aangelegde poelen en andere inrichtingsmaatregelen om de natuur te versterken in de Gemeente Utrecht en natuurvriendelijke oevers langs de Maas
 

Poelen
De Gemeente Utrecht werkt aan een samenhangend netwerk van plaatsen in de stad die de natuur moeten versterken, het zogenaamde Groene Web. Zo is in Lunetten Salamanderpoel De Koppel gegraven met als doel het creëren van een geschikt leefgebied voor amfibieën en andere watergebonden organismen. Ook zijn op meerdere plekken, waaronder langs de Kromme Rijn, natuurvriendelijke oevers aangelegd. In Maarschalkerweerd zijn veldjes en corridors aangelegd ten bate van dagvlinders. Op deze en andere plaatsen van het Groene Web heeft Bureau Viridis de ontwikkeling van de natuurwaarden onderzocht door om het jaar de planten, vissen, amfibieën, libellen en dagvlinders te monitoren.
Maas
In 2020 wil Rijkswaterstaat Limburg 70% van de oevers van de Maas natuur(vriende)lijk hebben ingericht. Op diverse plaatsen langs de Maas zijn werkzaamheden uitgevoerd of vinden werkzaamheden nog plaats om dit doel te behalen. De werkzaamheden bestaan bijvoorbeeld uit het vergraven van de oeverzone of het aanleggen van nieuwe nevengeulen. Na de ingrepen door de mens krijgt de natuur vaak zelf de ruimte om zich te ontwikkelen. Op een groot aantal plekken langs de Maas wordt de natuur middels monitoring al sinds 2008 in de gaten gehouden. De ontwikkelingen kunnen zodoende worden gevolgd. De monitoring wordt in nauwe samenwerking met advies- en ingenieursbureau Tauw uitgevoerd. Hierbij zijn landelijk gezien bijzondere soorten waargenomen die soms specifiek kenmerkend zijn voor het rivierengebied. Het betreft bijvoorbeeld rivierfonteinkruid, Engelse alant en heksenmelk, maar ook gouden sprinkhaan en kanaaljuffer werden op verschillende plekken langs de Maas waargenomen.

 Ook kan een nieuw beheer aanleiding zijn om een monitoringsonderzoek uit te voeren, zoals nieuw wegbermbeheer (“sinusmaaien”) in provincie Noord-Brabant.

Wegbermbeheer
Provincie Noord-Brabant heeft op een groot deel van de bermen van provinciale wegen het maaibeheer naar ecologische maatstaven aangepast om een kruidenrijkere bermvegetatie te verkrijgen. Het nieuwe beheer wordt ecologisch bermbeheer genoemd, waarbij rekening wordt gehouden met de aanwezigheid van natuurwaarden (bijzondere vegetatie, flora en fauna) en de mogelijkheden om deze verder te ontwikkelen. Leidend voor dit bermbeheer is de vegetatie. De vegetatie is direct door het maaien te beïnvloeden en is de basis voor de aanwezigheid van fauna (insecten, amfibieën, kleine zoogdieren).

De methode die gebruikt wordt voor het maaien is een gedifferentieerd maairegiem, het zogenaamde sinusmaaien, waarbij ook rekening gehouden wordt met de levenscycli van de fauna. Hierbij wordt er wisselend in breedte, hoogte en uitvoeringsperiode gemaaid met als gevolg een grotere diversiteit in ont-wikkelstadia van de aanwezige vegetatie, de mogelijkheid om tot bloei te komen van de vegetatie en biedt de niet gemaaide vegetatie een overwinteringsplek voor diverse insecten en andere dieren. Tevens ontstaat er voor deze doelsoorten de kans om hun voortplantingscyclus te voltooien. Een berm on-derhouden via de sinusmethodiek biedt gedurende een langere periode voeding (bijvoorbeeld nectar voor vlinders) en door de grillige vorm (ongeacht het tijdstip van de dag, windrichting of zonnestand) steeds meerdere geschikte microklimaten.

Bureau Viridis monitort de ontwikkeling van vegetatie, flora en fauna op vaste met GPS vastgelegde locaties. In 2016 is de nulmeting verricht die de huidige stand van zaken weergeeft.

We hebben veel ervaring met de monitoring van watergangen in beheergebieden van waterschappen. In de Gelderse Vallei en omgeving hebben we in opeenvolgende jaren de stroomgebieden van de Barneveldsche Beek, de Lunterse Beek, de Esvelderbeek, het Valleikanaal en de Heiligenbergerbeek onderzocht op flora en fauna. De rapportages bevatten uitgebreide beheeradviezen en er staat aangegeven waar kansen liggen voor de natuur. Voor een waterschap hebben we een gestandaardiseerde methode ontwikkeld om de watergangen via monsterpunten te monitoren. 

Monsterpunten
Wanneer een waterschap zich conformeert aan de Gedragscode voor waterschappen is het daardoor verplicht om in kaart te brengen waar juridisch zwaarder beschermde planten en dieren binnen het beheergebied aanwezig zijn. Vanaf 2014 monitort Bureau Viridis via een gestandaardiseerde methode steeds een deel van het beheergebied van een waterschap. Hiervoor zijn monsterpunten gekozen. Bijzonder is dat de inventarisatie gekoppeld is aan een computermodel dat door Bureau Viridis hiervoor is ontwikkeld.

Op een zich ontwikkelend heideterrein bij Amersfoort monitoren we de kolonisatie door zandhagedissen vanaf 2009. Doordat individuele zandhagedissen herkend kunnen worden aan met name het vlekkenpatroon kan heel gericht onderzoek plaats vinden en kunnen vergelijkingen in aantallen en individuen in de tijd uitgevoerd worden.